HomeDocumentatieIntroductie
Docs

Introductie

CUTL rekent machinetijd, materiaal en bewerkingen om naar een nauwkeurige prijs per onderdeel en een offerte binnen enkele minuten.

Zodra een bedrijf een snijmachine aanschaft (laser, plasma, waterstraal, mes), duikt bijna direct dezelfde vraag op: hoe bepalen we de prijs van de onderdelen die ermee gemaakt worden? Iedereen weet wel wat er in de prijs thuishoort. Het moeilijke is om dat om te zetten naar de kosten van één afzonderlijk onderdeel, snel, en zonder half het bedrijf erbij te betrekken.

CUTL is een online dienst die is gebouwd om precies die vraag te beantwoorden. De dienst koppelt kosten aan machinetijd, berekent automatisch de geometrie van uw onderdelen en geeft een manager binnen enkele minuten een kant-en-klare prijs.

Wat de kosten van een onderdeel bepaalt

Op hoofdlijnen zijn alle bedrijven het eens over de ingrediënten:

  • Afschrijving van de machine
  • Loon van de operator
  • Huur van de werkplaats, elektriciteit, verwarming
  • Extra bewerkingen: buigen, graveren, lakken, assembleren, verpakken

De echte uitdaging is om dat alles te vertalen naar een bedrag per onderdeel. Stel u een typische order voor: 10 verschillende onderdelen, elk 5 stuks, uit plaat gesneden. Het materiaal kunt u inschatten, maar hoeveel operatorloon hoort bij elk onderdeel? En hoe verwerkt u de overhead van de werkplaats erin en maakt u daar een duidelijke prijslijst van?

Het kernidee
Koppel elke berekening aan de bedrijfstijd van de machine. Zodra u de werkelijke kosten kent van het snijden van één meter in elk materiaal, volgt de rest daaruit.

Waarom de snijtabellen van de fabrikant niet volstaan

De meeste bedrijven beginnen bij de tabellen met snijparameters die bij de machine worden geleverd: snelheid, vermogen, ondersteunde materialen en diktes. Maar die getallen gaan uit van ideale omstandigheden: een perfecte kalibratie, nieuwe optiek, schone mechaniek. Echte, reproduceerbare productie vraagt meestal andere instellingen.

De werkelijke snijsnelheid wordt bepaald door zaken die de tabel niet laat zien:

  • Snelheidsverlies in bochten: hoe kleiner de radius, hoe langzamer de kop beweegt.
  • Positioneertijd: de kop heeft tijd nodig om naar elk startpunt te bewegen.
  • Hoe de besturing de geometrie leest: een boog die als 1.000 minuscule segmenten is geëxporteerd, snijdt heel anders dan een vloeiende boog.
  • Gedrag in hoeken: stoppen, optillen, herpositioneren, laten zakken, doorgaan: elke hoek kost extra tijd.

U kunt dit alles niet per tekening modelleren, maar u kunt het wel gemiddeld vaststellen door testcontouren van gelijke lengte te snijden en de tijden te vergelijken.

Van gemeten tijd naar een prijs

Meet een echte snede. Maak een testbestand met drie contouren van één meter die bewust van elkaar verschillen: een rechte lijn, een vloeiende bocht en een complexe bocht. Snijdt uw machine alle drie in ongeveer dezelfde tijd, gebruik dan het gemiddelde; zo niet, neem dan het getal van de gebogen contouren en niet dat van de rechte, anders worden onderdelen met veel contour te laag geprijsd. Stel dat het bestand als doorlopende banen in totaal ongeveer 68 seconden kost, dus ruwweg 23 seconden per meter. Snijd nu één meter, verdeeld over 10 korte segmenten: dat duurt ongeveer 30 seconden. De extra 7 seconden zijn de 9 aanvullende doorsteken en het herpositioneren tussen de segmenten, ruwweg 0,8 seconde per doorsteek inclusief de verplaatsing. Voor dit materiaal kost een meter snijden dus ongeveer 23 seconden, plus ruwweg 0,8 seconde voor elke doorsteek. (Het getal per meter bevat al de eerste doorsteek van een contour, dus bij zeer korte contouren overlappen de twee termen elkaar een beetje; bij echte onderdelen is die afwijking verwaarloosbaar.) Die twee getallen, seconden per meter en seconden per doorsteek, zijn wat het kostenmodel nodig heeft.

Bepaal vervolgens de kosten van een uur machinetijd. Tel de maandelijkse kosten van operators, afschrijving en werkplaats bij elkaar op en deel die door het werkelijke aantal snij-uren in een maand (niet de kalenderuren: in een dienst wordt zelden meer dan ongeveer 7 van de 8 uur gesneden). Dat levert een kostprijs per uur op; deel die door 60 voor de kosten per minuut, en samen met uw seconden per meter geeft dat een prijs per meter snede en per doorsteek.

Dit zijn kosten, geen winst
Het getal dat u zo krijgt, is de prijs waarmee de werkplaats enkel blijft draaien. Daarbovenop telt elk bedrijf verkoop, logistiek, boekhouding, management, risico en marge. Dat zijn ondernemersbeslissingen, en die uiteindelijke prijslijst is wat u in CUTL invoert.

Eén bron van waarheid

Doordat snijlengte, aantal doorsteken en materiaaloppervlak automatisch worden berekend, werkt iedereen met dezelfde cijfers:

  • De boekhouding ziet het geplande materiaalverbruik.
  • De inkoop weet hoeveel er besteld moet worden.
  • Managers offreren snel en met vertrouwen.

Daar gaat het bij CUTL om: heldere berekeningen, echte productielogica en veel minder giswerk. De volgende handleiding, Aan de slag, stelt uw eerste machine, materiaal en snijmodus in, zodat u een echt onderdeel kunt calculeren.

Klaar om het op uw eigen onderdelen te proberen?

Maak een account aan en ontvang 10.000 gratis coins, ongeveer 100 berekeningen.

Gratis beginnen